1. Kraak de krokant-code

Voor een perfecte krokante korst moet de huid zo droog mogelijk zijn. Daarvoor leg je het vlees een nacht in een droge koelkast. Dek het niet af, zodat er geen condens ontstaat en de huid uitdroogt. Door de huid in te snij den vergroot je het oppervlak dat aan de hitte van de oven wordt blootgesteld en wordt hij krokanter. Snijd daarbij niet te diep anders kan er vleessap uit het vlees omhoog borrelen dat de huid weer zompig maakt.

2. Opzouten

Voldoende zout op het vlees zorgt voor twee dingen: Het onttrekt vocht aan het oppervlak zodat het zout in het vlees kan trekken voor extra smaak. Daarnaast zorgt zout er ook voor dat het vlees extra mals wordt.

3. Een kwestie van temperatuur

Voor grotere stukken vlees is het belangrijk het goed op kamertemperatuur te laten komen. Hierdoor krijg je een gelijkmatige garing.

4. Heet, heet, heet!

De stoot hitte aan het begin van het roosteren zorgt ervoor dat het zwoerd loskomt van het vlees en er minder vocht uit het sappige vlees in de krokante korst kan trekken.

5. Met ribben

Kun je aan varkensbuik met ribben komen? Doen! De botten beschermen het vlees tegen uitdrogen en geleiden de warmte van de oven geleidelijk het vlees in. Ook zorgen de botten er (samen met de selderij en ui) voor dat er hete lucht onder het vlees kan stromen voor een gelijkmatige garing.

6. Rustig, rustig…

Zoals met alle vlees is het belangrijk om het buikspek te laten rusten voor je het aansnijdt. De vleessappen worden dan wat dikker en verdelen zich door het vlees. De spanning gaat van het vlees, zodat je de lekkere sappigheid er niet uit perst bij het aansnijden.

Benieuwd naar hét recept voor perfect buikspek? Je vindt het recept in foodies maart. Ren nu snel naar de winkel om jouw exemplaar te bemachtigen!

© Olive Magazine / Immediate Media Receptuur, foodstyling: Adam Bush Foto’s: Mike English Styling: Morag Farquha