1. Koude boter

Zorg dat de boter voor de bodem goed koud is, dat maakt het makkelijker om mee te werken. Bewaar hem daarom tot het laatste moment in de koelkast.

2. Pulseren

Gebruik de pulseerknop van je keukenmachine zodat je de controle houdt en je deeg niet te glad wordt. Als je de bloem, de boter en het zout mengt wil je de boter niet helemaal gladmalen. Zo houd je het deeg lekker boterig en bros.

3. Kort kneden

Kneed het deeg zo weinig mogelijk. Hoe meer je kneedt, hoe taaier het deeg wordt.

4. Knapperige bodem

Het lekkerste aan een taart is de knapperige bodem. Om te voorkomen dat de natte vulling in het deeg trekt, moet je bodem goed knapperig en gekaramelliseerd zijn. Kleuren de randen van het deeg te donker tijdens het blindbakken? Maak dan een ring van aluminiumfolie en bedek hiermee de randen. Zo kan het midden van de bodem nog even verder kleuren.

5. Kloppen voor lucht

Tijdens het kloppen van de vulling klop je lucht in het beslag, waardoor het lekker luchtig blijft als het is opgesteven.

6. Verwarmen

Blijf constant kloppen met de garde zodat de vulling gelijkmatig wordt verwarmd en goed gaar wordt. Voorkom dat je vulling te heet wordt tijdens het verwarmen au bain-marie. Als je vulling gaat koken of te snel stolt, kan het gaan schiften.

7. Even rollen

Rol je citroenen een paar keer stevig over het werkblad om ervoor te zorgen dat je er zoveel mogelijk sap uitkrijgt.

Ben je er klaar voor? Ga dan snel aan de slag met dit recept voor limoncellotaart

© Olive Magazine / Immediate Media Receptuur en foodstyling: Adam Bush Fotografie: Stuart Ovenden Styling: Olivia Wardle