1. Varkenshaas

Net als bij het rund wordt deze rugspier weinig gebruikt en bevat dus weinig bindweefsel. Hierdoor is het zacht vlees met weinig vet en leent het zich goed voor een relatief korte bereiding.

Zeker proberen: roergebakken varkenshaas met pittige zwartebonensaus

2. Varkensfilet

Mager, egaal vlees met een vetrand eromheen. Vaak gesneden verkocht als filetlapjes of medaillons, maar ook als rollade. Bij een goede slager kun je vragen om de varkenslende met bot voor een mooi braadstuk. Dit vlees vraagt om een zorgvuldige bereiding omdat je de vetrand lekker krokant en bruin wil, terwijl de binnenkant niet moet uitdrogen. Houd je kernthermometer bij de hand dus!

3. Spareribs

Deze vlezige ribben worden gesneden uit het stuk rond de buik. Het gaat om stevig vlees met relatief veel bindweefsel dat uitermate geschikt is voor een low & slow bereiding. Een echte BBQ-klassieker.

Zeker proberen: spareribs met pindakaramel

4. Baby-back ribs

Dit zijn wat kortere en dikkere ribbetjes die wat dichter bij de rug worden uitgesneden. Ze zijn wat vleziger en vetter en hebben een iets kortere bereiding nodig dan de spareribs.

5. Buikspek

Dit vetste deel van het varken bestaat uit veel laagjes vlees met laagjes vet ertussen. Om de huidkant mooi krokant te krijgen heb je een flinke stoot hitte nodig. Zeer geschikt voor lange bereidingen omdat er veel vet in zit dat je uit kunt smelten om te zorgen dat het bindweefsel lekker zacht wordt. Van dit deel worden ook verschillende soorten spek gemaakt; van ontbijtspek tot pancetta.

Zeker proberen: het ultieme recept voor buikspek

6. Ham/achterpoot

De naam zegt het al, van de ham maakt men ham. Gezouten en daarna gekookt, gedroogd of gerookt; elk land heeft zo zijn eigen hamspecialiteit. De ham kan ook gesneden worden in bijvoorbeeld hamlappen. Vlees van de ham is werkvlees en heeft dus over het algemeen een langere en rustige bereiding nodig.

Karbonade met paprikaboter en nieuwe aardappels

7. Karbonades

Een van de meest geliefde stukjes varkensvlees. Mooi dooraderd vlees met een dikke vetlaag rondom. Perfect om te grillen op de barbecue of te bakken in de pan.

Zeker proberen: karbonade met paprikaboter en nieuwe aardappels

8. Schenkel

Het deel tussen de ham of schouder en de varkenspootjes. Stevig vlees met zeer veel bindweefsel en natuurlijk een bot in het midden. Hierdoor uitermate geschikt voor soepen (denk aan erwtensoep) en stoofgerechten. Wordt ook wel langzaam geroosterd om de grote hoeveelheid vet mooi krokant te bakken.

9. Schouder

Een complex stuk vlees dat uit veel verschillende delen, spieren en vetlagen bestaat. Klassiek om te gebruiken voor pulled pork en schouderkarbonades maar ook als gehakt voor worsten.

Zeker proberen: langzaam gegaarde pulled pork carnitas

10. Varkenswangen/kinnebak

Omdat varkens graag eten is dit misschien wel de hardst werkende spier van het varken. Het vlees bevat dus veel bindweefsel maar relatief weinig vet en is dus perfect voor stoofgerechten of een stoof met rode wijn. In Italië maakt men er guanciale ofwel kinnebakspek van dat klassiek thuishoort in de pasta carbonara.

Zeker proberen: in bokbier gestoofde varkenswangetjes met krieltjes

Wil je iedere week de lekkerste recepten ontvangen? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: