1. Het juiste vlees

Een schnitzel maak je volgens Hollandse begrippen traditioneel van de bovenbil van een kalf of varken. Maar een kotelet, zeker die van het Baambrugs big, is ook perfect, omdat het been veel smaak afgeeft. Het Baambrugse big komt van Lindenhoffs boerderij in Baambrugge. Bestel je koteletten online via Lindenhoff.nl en laat ze thuisbezorgenHaal het vlees ongeveer een half uur van tevoren uit de koelkast om het op kamertemperatuur te laten komen.

2. Even slaan

Voor een klassieke schnitzel klop je het vlees plat met een vleeshamer of de onderkant van een koekenpan. Let op: bij een Japanse Tonkatsu sla je deze stap over.

3. Je eigen broodkruim

Gebruik in plaats van panko ook eens zelfgemaakt broodkruim. Rooster een paar sneetjes witbrood in de oven ca. 25 minuten op 150°C en maal fijn in de keukenmachine. Het verschil proef je meteen!

4. Paneren kun je leren

Het paneren is het belangrijkst. Het krokante jasje is essentieel voor een smaakvol resultaat. Haal het vlees door de bloem en tik goed af. Dan is het ei aan de beurt. Laat een beetje afdruppen. Haal het vlees dan ruim door het broodkruim en duw dit subtiel aan.

5. Fry it!

Zo’n lekkere kotelet bak je niet – die frituur je in een flinke laag olie. Niet te heet, want dan droogt het vlees uit. In 6-8 minuten krijg je mooi, sappig vlees!

6. Blijven bewegen

Bij goede schnitzels zit de paneerlaag los om het vlees. Het geheim? Houd het vlees in beweging in de pan. Zo lekker was je schnitzel nog nooit.

Benieuwd naar hét recept voor de perfecte Tonkatsu? Je vindt hem in Foodies’ grote Japan-nummer. Ren nu snel naar de winkel om jouw exemplaar te bemachtigen of bestel hem zonder verzendkosten via onze webshop!

Slager Bert