Bereiding

  1. Verwarm de oven voor (elektrisch: 180°C / hetelucht: 160°C). Vul de buikholte van de vis met citroenschijfjes en evt. verse kruiden. Meng in een ruime kom het zeezout met de eiwitten.
  2. Maak van ca. eenderde van het zoutmengsel een bedje voor de vis op een met bakpapier beklede bakplaat. Leg de vis erop en verdeel de rest van het zout eroverheen. Druk het zout er rondom tegenaan en zorg dat de vis helemaal bedekt is met een laag zout.
  3. Bak de vis ca. 35 minuten in de oven. Controleer de kerntemperatuur met een thermometer, deze moet ca. 60°C zijn. De zoutkorst wordt door het bakken hard, dus het kan lastig zijn de thermometer erdoorheen te prikken.
  4. Neem de bakplaat uit de oven. Breek de korst en haal deze er in stukken af, tot de hele vis vrij ligt. Borstel nu met een kwastje al het losliggende zout van de vis af. Maak de huid net achter de kop los, je kan hem nu voorzichtig naar achter toe van de vis af trekken. Hiervoor is het belangrijk dat de schubben nog op de vis zitten, anders trekt er te veel zout door de huid heen waardoor de vis te zout wordt, en kun je de huid niet meer zo goed van de vis afhalen.
  5. Met een grote lepel kun je nu eenvoudig het visvlees van de graat scheppen, let wel op dat je niet per ongeluk een graat mee schept. Leg de vis op een warme schaal. Als je al het vlees van 1 kant eraf geschept hebt, kun je vanaf de staartkant de graat er in één keer uithalen. Nu ligt het vlees van de andere kant vrij om eruit te scheppen.
  6. Laat de boter in een koekenpan uitbruisen en licht bruin worden. Voeg de kappertjes toe en bak ze 1-2 minuten in de boter, zet het vuur wat lager zodat de boter en de kappertjes niet verbranden. Roer de gehakte bieslook erdoorheen en schep het mengsel over de vis. Geef er wat schijfjes citroen bij. Lekker met romige aardappelpuree.

Per portie: ca. 328 kcal
42 g eiwit | 16 g vet | 1 g koolhydraten

Foto’s en receptuur: Willem van Santen