
Verrassend dichtbij en een must voor foodies: dit eiland wil je ontdekken
De Kanaaleilanden liggen voor de Franse kust, waarvan Jersey de grootste is. Het eiland valt onder de Britse Kroon, maar is geen onderdeel van het Verenigd Koninkrijk. Toch zijn de Britse invloeden niet te missen, met een flinke portie Franse flair. Jersey heeft heerlijke stranden en groene heuvels, al kun je er ook ongelooflijk goed eten. Bijkomend voordeel? eiland is nog geen anderhalf uur vliegen vanuit Amsterdam.
Lees verder na de advertentie
Het eiland Jersey
Jersey is een eiland waarvan je bij aankomst meteen voelt dat het net even anders is. Enigszins Brits, maar toch ook niet helemaal. Er hangt een Franse sfeer, maar toch ook weer anders dan in Frankrijk. Het grootste van de Kanaaleilanden ligt op zo’n 22 kilometer van de Franse kust. Jersey hoort niet bij het Verenigd Koninkrijk, maar is wel onderdeel van de Britse Kroon.
Dit maakt Jersey een zelfstandig eiland, met een eigen parlement, bestuur en wetten. Het eiland telt ruim 100.000 inwoners en heeft een van de grootste getijdenverschillen ter wereld. Bij springtij kan het verschil tussen eb en vloed oplopen tot meer dan twaalf meter. Bij laagwater wordt het eiland bijna twee keer zo groot qua oppervlakte.
Qua eten en drinken is de melk van Jersey-koeien wereldberoemd, maar het eiland heeft nog veel meer te bieden. Van bijzondere aardappeltjes tot aan verse vis en zeevruchten, ik ging op onderzoek uit en ontdekte al etend Jersey.
Schrijf je in voor de nieuwsbrief van Foodies Travel en ontvang de beste hotspots en tips in je mail!
Somerville Hotel in St. Aubin
Mijn eerste kennismaking met Jersey begint regenachtig. Vanuit Amsterdam vlieg ik naar Jersey Airport, daarna reis ik met een taxi naar Somerville Hotel in het plaatsje St. Aubin. Het hotel ligt hoog boven de haven, in een soort oude kustvilla met onmiskenbaar Britse charme: donker hout, zachte tapijten, vriendelijk personeel en vanuit bijna elke hoek uitzicht op zee.
Alsof het zo heeft moeten zijn verschijnt de zon zodra ik plaatsneem bij Tides Restaurant voor de lunch, het restaurant dat onderdeel is van Somerville Hotel. Terwijl ik geniet van de huisgemaakte focaccia met Jersey-boter (gemaakt van de melk van de beroemde koeien) kijk ik uit over de haven van St. Aubin.
De regenwolken zijn verdwenen en de zon schijnt volop, waardoor het haast lijkt alsof ik op een tropisch eiland zit. Het zeewater kleurt azuurblauw en de goudgele zandstranden steken prachtig af bij de groene heuvels van Jersey.
Als voorgerecht kies ik de bisque van lokale kreeft, die ontzettend diep en vol van smaak is. Daarna volgt fish & chips, bereid met scholfilet en geserveerd met flink wat spinazie in een smaakvolle beurre blanc. Geen krant en geen mandje friet, maar wel een knipoog naar de Britse klassieker. Een verrassend goede knipoog.


Tip

Van matcha proeven in de theeregio Suruga tot aan yuzu plukken in de bergen van Kochi én natuurlijk de beste izakaya’s in Tokio, Osaka en Kyoto – deze reis is perfect voor echte foodies.
De stad St. Helier
St. Helier is de hoofdstad van Jersey en heeft ruim 30.000 inwoners. Na een heerlijke lunch ga ik met de bus vanuit St. Aubin naar St. Helier. Een ritje van ongeveer een kwartier, langs de kust van Jersey. Rond Liberation Station liggen diverse winkels, cafés en restaurants dicht bij elkaar, maar de overdekte markt vind ik het leukste.
De Central Market en de Beresford Street Fish Market bestaan al meer dan 200 jaar en vormen nog steeds een belangrijk onderdeel van het dagelijkse eilandleven. Op de Central Market worden diverse lokale delicatessen verkocht (zoals black butter, een soort donkere, kruidige appelstroopachtige spread), maar ook veel lokale producten. Van verse groenten, zuivel en aardappels tot aan fruit en bloemen.
De Beresford Street Fish Market ligt om de hoek van de Central Market en is precies wat je verwacht van een levendige vismarkt. De meest verse vis ligt uitgestald, samen met verschillende schaal- en schelpdieren. Overal waar ik kijk zie ik lokale vis, er wordt haast niets geïmporteerd. Wat overigens ook niet nodig is, want in de wateren rondom Jersey is genoeg te vinden.



Lees verder na de advertentie
Verse vis aan de kade
Na een rondje door het sfeervolle St. Helier schuif ik ’s avonds aan bij Quayside Bistro & Grill, een restaurant gespecialiseerd in vis en zeevruchten, vlakbij Liberty Wharf. Vanaf de eerste verdieping kijk je uit op de haven van St. Helier.
Op de menukaart staan vooral gerechten die volledig zijn bereid met lokale ingrediënten. Van verse oesters en krab tot aan coquilles, kreeft en zeebaars. Daarnaast staan er Jersey Royals tussen de bijgerechten, de beroemde aardappels die op het eiland groeien. Het zijn een soort krieltjes, vaak alleen gekookt en geserveerd met boter en verse kruiden.
Ik bestel verse zeebaars die kort gebakken is in de pan, om vervolgens te genieten van een halve kreeft. Daar waar op veel plekken kreeft (en krab) relatief duur is, valt het op Jersey mee. Mede doordat de kreeften lokaal gevangen worden, is de prijs haast overal erg netjes.
De vis is heerlijk, maar eerlijk gezegd zijn de Jersey Royals de ster van de avond. Ze smaken zacht, romig en ziltig. Dat ziltige is geen toeval, ze groeien voornamelijk op steile hellingen op het eiland, waar volgens traditie zeewier als mest wordt gebruikt. Je proeft daarmee de zee niet alleen terug in alle verse vis, maar zelfs in de aardappels die op het eiland groeien.



Lees verder na de advertentie
Wakker worden in St. Aubin
De volgende ochtend ontbijt ik in het hotel met een van mijn favoriete gerechten: eggs benedict. Na het ontbijt daal ik de heuvel af waar het hotel op ligt om St. Aubin te verkennen. Het dorp is sfeervol en romantisch, mede door alle verschillende pubs en de kleine haven vol met vissersbootjes.
Daar waar gisterenavond de zee nog tot in de haven kwam en tegen de kade klotste, is het deze ochtend eb. Daardoor is het verschil door de getijden goed zichtbaar, en liggen alle bootjes in de haven op het droge. Een groot deel van de baai is veranderd in strand, waardoor je prachtige wandelingen over het wad kunt maken.


Lees verder na de advertentie
Faulkner Fisheries
Een van de meest bijzondere plekken die ik ontdekte op Jersey ligt aan de baai van St. Ouen’s: Faulkner Fisheries. Het is ongeveer twintig minuten rijden naar het noordwesten van het eiland, vanuit St. Aubin. De baai wordt omringd door groene heuvels en rotsen. Zeker met de zon die volop schijnt, ziet het landschap eruit als een idyllische ansichtkaart.
In de verte zie ik een oude bunker uit de Tweede Wereldoorlog liggen, dicht tegen de kust aan. Tussen juni 1940 en mei 1945 werd het eiland door de Duitsers bezet, een aantal tunnels en bunkers zijn overblijfselen hiervan. Sean Faulkner, eigenaar van Faulkner Fisheries, speelde als kind in de achtergebleven bunkers. Hij groeide op in een boerenfamilie, maar was altijd geïntrigeerd door al het water rondom Jersey.
Toen hij wat ouder was wilde hij de zee op. In plaats van boer te worden leerde hij vissen, jarenlang bestuurde hij een vissersboot. Tot hij het idee kreeg om de oude bunker te gebruiken als opslagplaats voor de verse vis en zeevruchten. Niet veel later verbouwde hij de bunker tot wat het vandaag de dag is – een viswinkel, restaurant en opslagplaats.



Lees verder na de advertentie
Bunker vol vis
Sean leidt me rond door de bunker. Door de jaren heen heeft hij de bunker flink verbouwd, waardoor er verschillende bassins voor bijvoorbeeld kreeften en krab zijn, maar ook een keuken en kantoor. De bassins vult Sean met zeewater, hij heeft zelf een systeem aangelegd waardoor hij water uit de zee naar de bunker kan pompen.
In het ene bassin liggen kreeften, in het andere grote krabben. Tegenwoordig vist Sean zelf niet meer, maar hij werkt samen met een aantal lokale vissers. Vanuit de bunker verkoopt hij verse vis aan zowel locals als horeca, maar daarnaast serveert hij ook lunch in de zomers.
Lees verder na de advertentie
Lunch met uitzicht
Na een rondje door de bunker nodigt Sean mij uit om buiten in de zon plaats te nemen, met uitzicht op de zee. Het is ondertussen al vloed aan het worden, waardoor het lijkt alsof het water de bunker steeds verder omringt.
Buiten staan blauwe houten banken, het is er goed vertoeven. Als je genoeg hebt van het uitzicht over zee draai je je gewoon om, want aan de andere kant kijk je uit over groene heuvels en prachtige rotsen. Sean vertelt dat het terras ’s zomers vol zit, niet alleen met locals. Soms komen er zelfs mensen vanuit Londen een dagje op en neer. De eerste vlucht naar Jersey, lunchen bij de bunker, beetje zwemmen en zonnen, een rondje over het eiland en ’s avonds weer terug met de laatste vlucht.
Terwijl Sean in de keuken een sandwich met verse krab aan het maken is, heeft hij mij op het terras achtergelaten met een half dozijn lokale oesters en een glas witte wijn. Terwijl ik zit te lunchen, zie ik de zee langzaam terugkomen. Ik geniet ontzettend. Niet alleen vanwege de heerlijke oesters, maar ook omdat het een prachtige plek is, waar je even helemaal tot rust komt. Even later verschijnt Sean met de sandwich, die door de verse krab – en het uitzicht – smaakt als een van de lekkerste sandwiches die ik in tijden heb gehad.



Lees verder na de advertentie
Gin op Jersey
Bij La Côte Distillery in St. Helier maken Alex en Thea al jarenlang wodka en gin, en sinds kort ook limoncello. Naast dat je hun distilleerderij kunt bezoeken, geven ze ook diverse workshops. De distilleerderij is misschien niet groot, maar onderschat dit koppel niet – ze maken geweldige gin, van zelfgestookte alcohol.
Ze wonen boven de zaak, waardoor het voelt alsof je bij hen thuis op bezoek bent. De sfeervolle inrichting helpt – net als de gin – maar het komt vooral door de gastvrijheid van Alex en Thea. Ze ontvangen me met een heerlijke gin-tonic, waarna ik een rondleiding krijg door de distilleerderij.
Veel makers van gin kopen neutrale alcohol in en voegen vervolgens diverse botanicals toe, maar Alex en Thea werken anders. Ze stoken hun eigen alcohol en experimenteren met lokale gerst. Alles om de gin zo lokaal mogelijk te maken. Voor de wodka die ze maken gebruiken ze wei van Jersey-koeien en voor de limoncello worden lokale citroenen gebruikt – en ja, die groeien op Jersey.

Zelf gin maken
Eerder maakte ik al eens mijn eigen gin in Nederland, om te vieren dat Foodies Magazine vijftien jaar bestond. De basis van gin bestaat altijd uit alcohol met jeneverbessen, vervolgens voeg je diverse botanicals toe om een kruidige, citrusachtige of florale gin te maken.
Bij La Côte Distillery kun je (inclusief uitgebreide proeverij) ook je eigen gin maken, die je vervolgens ook mee naar huis neemt. Onder begeleiding van Alex en Thea ruik en proef je ontelbaar veel botanicals, om vervolgens te besluiten wat voor gin je wil maken.
Ditmaal kies ik voor grapefruit, sinaasappel, citroengras, tulsi, szechuanpeper, tomaat en venkelzaad. Alex legt de verschillende smaken uit en berekent hoeveel gram er overal van nodig is. Zo is bijvoorbeeld venkelzaad krachtig van smaak, terwijl sinaasappel wat lichter is.
Terwijl ik de ingrediënten afweeg en toevoeg aan de ketel waar de alcohol in zit, komt Thea de keuken uitgelopen met een volle borrelplank én nog een gin-tonic. Los van de kennis van Alex en Thea weten ze ook een hele fijne sfeer neer te zetten, waardoor deze workshop absoluut een aanrader is om te volgen.
Na een tijdje is het distillatieproces klaar en bottelt Alex de gin. De fles gaat in mijn tas, uiteraard nadat we ervan geproefd hebben. Gelukkig is er nog wat ruimte in mijn koffer over…



Oesterwandeling bij eb
Mede door de getijden kun je geweldig wandelen op Jersey. Zodra het eb is verdubbelt het eiland haast in omvang. Zo komen bijvoorbeeld bij Seymour Slip, aan de zuidoostkust, alle oesterbanken bloot te liggen bij eb. Samen met Trudie van Jersey Walk Adventures maak ik een wandeling langs de oesterbanken, over het wad.
Trudie kent het eiland op haar duimpje, net als de getijden, de zandbanken en alle oesterbedden die een stuk uit de kust liggen. Sterker nog; ze loopt met een getijdentabel in haar zak alsof het een tweede paspoort is. Via het strand lopen we het wad op. Het is eb, waardoor we letterlijk over de zeebodem wandelen.
In de verte ligt de Franse kust aan de horizon, om ons heen staan overal oesterbanken. Ondertussen zijn diverse oesterkwekers om ons heen aan het werk, met grote tractoren rijden ze het wad op om de oesterbanken (stalen constructies met zakken oesters erop) te inspecteren.
De baby-oesters komen onder andere uit Frankrijk en groeien hier verder op in het schone, voedselrijke water. Door eb en vloed liggen de bedden twee keer per dag droog, waardoor de oesters sterker worden. Daarnaast is het water rondom Jersey erg schoon, er is weinig zware industrie en weinig grote scheepvaart. Veel zeewier en plankton maken het een rijke plek voor schelpdieren, waardoor de oesters bij Jersey erg smaakvol zijn.
Op sommige zakken ligt een dikke laag zeewier, ook wel mermaid’s hair genoemd, dat de oesters koel houdt maar ook regelmatig moet worden omgedraaid. Het zeewier beschermt niet alleen de oesters, gedroogd wordt het op Jersey onder andere in boter gebruikt.


The Seymour Pub & Restaurant
Na de wandeling – absoluut een aanrader – schuiven we aan bij The Seymour Pub & Restaurant, een typische pub tegenover het strand. De zon schijnt volop, waardoor het goed vertoeven is op het terras. Voor ik het weet staat er een koud glas wijn voor mijn neus, samen met een bord vol oesters. Precies dezelfde oesters die we net op het wad hebben gezien.
De oesters smaken ziltig, zacht en fris. Het zijn geen kleintjes, waardoor ze ook lekker vlezig zijn. Ik geniet van de oesters en de wijn, om vervolgens fish & chips te bestellen, van al dat wandelen heb ik trek gekregen. Het gerecht klopt helemaal, de vis is knapperig en vers, daarnaast is het ook nog eens een royale portie.
Tip: wil je zelf een wandeling over het wad maken? Doe dit altijd met een ervaren gids. Door het enorme getijdenverschil kan de zee snel opkomen en is lokale kennis geen overbodige luxe.



Gorey
Vanaf de pub is het een klein stukje met de bus naar Gorey, een dorpje iets noordelijker aan de oostkust. Terwijl ik over de boulevard wandel zie ik Mont Orgueil Castle in de verte liggen, ook wel Gorey Castle genoemd. Dit middeleeuwse kasteel waakt al meer dan acht eeuwen over de haven van Gorey, het bezoeken van het kasteel is dan ook zeker de moeite waard.
Het dorpje Gorey zelf is klein, fotogeniek en sfeervol. Loop vooral naar het einde van de pier, sla bij het laatste huis linksaf de trappen op en je komt bij een openbaar stukje kust dat bijna privé aanvoelt.
’s Avonds eet ik bij Sumas Restaurant, met uitzicht op de zee en het kasteel. Het restaurant staat – meer dan terecht – met een vermelding in de Michelingids. Ik begin met local crab on toast met komkommer en grapefruit. De toast is krokant en boterig, de krab fris en zoet, de grapefruit net bitter genoeg, zodat alle smaken aanwezig zijn. Daarna volgt lokale octopus met romesco, spinazie en Jersey Royals – mijn nieuwe favoriete aardappel. De octopus is perfect gegaard, de aardappels zijn romig en zacht en elke hap smaakt naar meer.



St. Brelade’s Bay
De laatste ochtend reis ik naar St. Brelade’s Bay vanaf mijn hotel, een rit van nog geen tien minuten. Aan het strand ligt The Beach Club, met uitzicht over de kalme en groene baai. Terwijl ik geniet van een kop goede koffie bestel ik Jersey-yoghurt met huisgemaakte granola en wat vers fruit. Een schot in de roos, de yoghurt is opvallend romig en smaakvol. De beroemde Jersey-koeien geven melk met een hoog vet- en eiwitgehalte, en dat proef je.
Terwijl ik uitkijk over de baai en rustig wakker word met het royale ontbijt besef ik hoe fijn Jersey is, zeker voor foodies. Mede doordat het eiland relatief klein is, is het een ontzettend charmante bestemming. De ene plek is typisch Brits, terwijl je om de hoek weer Franse sfeer tegenkomt. De natuur op het eiland is prachtig, je kunt er goed wandelen en er is veel te ontdekken qua geschiedenis.
Wat eten betreft heeft Jersey een eigen cultuur, die bij mij erg in de smaak valt. Van verse krab en kreeft in een oude bunker of op het strand tot aan lokale gin en wandelen tussen de oesterbedden, maar ook de romige aardappels en de zuivel van de wereldberoemde Jersey-koeien, het eiland heeft veel te bieden. Je rijdt in twintig minuten van de ene kust naar de andere en krijgt onderweg van elke taxichauffeur een nieuwe restauranttip.
Jersey optimaal beleven? Laat je dan imponeren door de getijden, bestel oesters, geniet van lokale vis, proef Jersey Royals, maak je eigen gin en neem een potje black butter mee naar huis.


Gemakkelijk naar Jersey
In de zomer vliegt KLM dagelijks van Schiphol Amsterdam Airport naar Jersey Airport, een vlucht van iets meer dan een uur. Daarnaast kun je het eiland ook makkelijk bereiken met een korte overstap in Bristol of Southampton, of zelfs met een veerboot vanaf de Franse kust.
Meer informatie over het eiland? Kijk dan op jersey.com en laat je verrassen door wat dit kleine eiland allemaal te bieden heeft.
Schrijf je in voor de nieuwsbrief van Foodies Travel en ontvang de beste hotspots en tips in je mail!
Onze tips

Restaurants in Leeuwarden: de beste hotspots & tips

Dineren op grote hoogte: in deze luchtballon geniet je van een uniek diner

Dit is het beste foodfestival van Europa – en het is dichterbij dan je denkt

Waarom steeds meer Nederlanders hun vakantie beginnen in de supermarkt

Restaurants in Amsterdam: de beste hotspots & tips

Restaurants in Hilversum: de beste hotspots & tips

Topchefs koken 24 uur non-stop in Amsterdam (en jij kunt erbij zijn)

Deze stad is uitgeroepen tot de allerbeste foodstad ter wereld

Dit zijn de lekkerste foodfestivals van deze zomer

Restaurants in Maastricht: dit zijn beste hotspots & tips

Restaurants in Eindhoven: dit zijn beste tips & hotspots

Restaurants in Dordrecht: dit zijn de beste hotspots & tips

Restaurants in Antwerpen: 21x ontbijten, lunchen en dineren

17x de beste strandtenten van Nederland

23x de beste ijssalons van Nederland

Dit zijn de lekkerste kazen van Nederland volgens de Gouda Cheese Awards

Bas Erkens
Redacteur
Eet alles wat los en vast zit. Slaat nooit een maaltijd over. Vindt koude pasta en pizza hét beste ontbijt ter wereld. Kaas is volgens hem het mooiste product ooit. Dipt zijn chips in salsa, maar danst het ook.



